Over koetjes en kalfjes


5 reacties

Hoop doet leven; kerkuilen

We hebben jarenlang een kerkuilenpaar op ons melkveebedrijf gehad. Ze broedden bij ons in de schuur en verbleven (roestten) overdag in de schuur van de overburen, tot een aantal jaar geleden een van het paar dood was. De achterblijver heeft in de baltsperiode – dat begint heel vroeg in het jaar – maandenlang ’s avonds vol overgave geroepen, dat was aandoenlijk om te horen, zo sneu. Het is de overblijvende kerkuil niet gelukt om een nieuwe partner te lokken. Sindsdien zijn bij ons geen broedgevallen meer. Heel af en toe horen we het geluid van een kerkuil – ze zitten hier vast nog ergens in de buurt, maar waar?? – en vorige week zag meneer de boer een uil over het erf vliegen. Toen we hadden ontdekt dat hier een paartje zat te broeden, hebben we de kerkuilenwerkgroep ingeseind. Heel trouw komt er ieder jaar iemand van de werkgroep langs om te informeren hoeveel jongen er zijn. We kregen een nestkast, maar die hebben we nooit gebruikt, omdat het paartje een nestplek in de nok van een schuur had gevonden. Dat wilden we niet verstoren. De functie van deze schuur is inmiddels gewijzigd en niet meer geschikt voor een kerkuilenpaar. Daarom hebben we een paar jaar geleden de nestkast in de schuur aan de overkant gehangen.Vorige week zag ik dat er bij de kast activiteit valt te bespeuren. Er liggen uitwerpselen en verse uilenballen vlak onder de nestkast.Hoop (=uitwerpselen van de kerkuil) doet leven! We zijn heel benieuwd of er inderdaad weer een kerkuilenpaar in de nestkast gaat broeden.