Over koetjes en kalfjes

"Bij een boerenfamilie hoort zo een eigen koeienfamilie"

8 reacties

Enige tijd geleden hoorde ‘meneer de boer’ een interview op de radio met Bert Theunissen, de schrijver van het boek ‘De koe : het verhaal van het Nederlandse melkvee 1900 – 2000′.

Dekoemelkveegeschiedenis_2

"Goede Nederlandse melkkoeien gaven rond 1900 zo’n 2500 liter melk. Tegenwoordig halen ze gemakkelijk meer dan 8000 liter. Deze productiegroei wordt algemeen gezien als het resultaat van toegenomen wetenschappelijke kennis. Theunissen – hoogleraar geschiedenis Universiteit Utrecht – laat zien dat het samenspel van fokkerscultuur, onderzoekscultuur en economie veel belangrijker was dan nieuwe kennis". (Verkorte tekst van de achterkant van het boek). Natuurlijk komt in dit boek ook de holsteinisering aan bod. ‘meneer de boer’ werd in het interview geraakt door een passage uit het boek – de titel van dit blog, daarom staat dit boek bij ons in de boekenkast. Citaat:

"Om te beginnen vervangt een boer zijn koeien niet zomaar door andere. Hij heeft zijn kudde meestal van zijn ouders overgenomen, en die hebben de koeien weer van hun ouders enzovoort. Bij een boerenfamilie hoort zo een eigen koeienfamilie, die door generaties heen met veel zorg is opgebouwd. Een boer doet zijn kudde daarom niet weg, hoe wild de melk- en vleesprijzen ook schommelen.
Tussen haakjes: de boeren die tijdens de MKZ-crisis van 2001 hun hele kudde geruimd zagen worden, is wel verweten dat ze krokodillentranen huilden. Ze kregen toch een vergoeding, en elke koe gaat op den duur toch naar de slager? Maar de pijn zat hem erin dat met het ruimen in xc3xa9xc3xa9n klap het fok- en selectiewerk van twee, drie, of nog meer boerengeneraties werd vernietigd. Elke individuele koe wordt op den duur vervangen, maar koeienfamilies zijn onvervangbaar en onbetaalbaar
."

Onze koeienstam is traceerbaar tot in de jaren twintig van de vorige eeuw. Onze oude koeienstam: ook een onderwerp om ooit een of meer blogs aan te wijden.

Advertenties

8 thoughts on “"Bij een boerenfamilie hoort zo een eigen koeienfamilie"

  1. Bij zonder om te lezen. Ik heb me dat nooit zo gerealiseerd. Vandaar de liefde van de boer voor zijn koeienfamilie. Want die liefde ken je toch ook meestal voor je eigen voorouders.

    Like

  2. Goed van je om dit aspect eens te belichten.

    Like

  3. Goed om dit aspect eens te belichten. Ik had me dat eigenlijk ook nooit gerealiseerd, dat de koeinfamilie zo’n band met de boerenfamilie heeft. Terwijl ik zelf ook feilloos de grootouders (en soms verder terug) van al mijn Beagles kan noemen, bij boeren en koeien is dat dus niet anders.

    Like

  4. Tot hoever onze koeienstam teruggaat weet ik op dit moment nog niet, ik zal het eens vragen aan mijn boer, maar hij zal ook ver terug gaan want mijn boer en ook zijn vader kopen/kochten nooit nieuwe koeien, alles is van eigen opfok. Dat je koeien, of schapen in mijn geval, allemaal in xc3xa9xc3xa9n klap weg moeten is echt verschrikkelijk, tijdens de crisis heb ik menig maal een traan gelaten voor een andere boer. Het duurt wel een jaar of 10 voordat je weer een ‘eigen’ kudde hebt…

    Like

  5. @Brimstone: zet een stel koeienliefhebbers bij elkaar en het gesprek gaat alleen maar over koeien, stieren en bloedlijnen/afstamming :~).

    Like

  6. Een bedrijf kan meerdere koefamilies hebben, wij hebben toevallig 1 hele oude koeienstam. Wij kopen zelden andere koeien, maar uit zo’n aangekochte koe kxc3 n weer een koeienfamilie op ons bedrijf ontstaan, als er mag genoeg goede vrouwelijke nakomelngen uit voortkomen.

    Like

  7. Dat klopt, dat van die boer en zijn koeienfamilie. Bij mij thuis vroeger hadden we zelfs koeien met namen van “menselijke” familieleden.

    Like

  8. De liefde voor de eigen kudde daargelaten, denk ik dat je de continuxc3xafteit in het veebestand ook weer niet moet overdrijven.En zeker niet moet uitsrekken tot vrioegere eeuwen. Want die ‘MKZ-crisis’ stelt helemaal niets voor bij de verschrikkelijke veeziekten en plagen die je eerder had. In de achttiende eeuw bijvoorbeeld, heersten er drie veepest-epidemiexc3xabn (1714 – 1720; 1744 – 1752; 1769 evj). Zo’n epidemie duurde dus jaren en sloeg enorme gaten in de veestapel. Een voorbeeld uit mijn archiefnotities: In 1771 wordt de tiende van Onnen opnieuw verpacht, maar dat gebeurt tegen een dermate hoge som gelds dat de bewoners van het dorp protesteren. Daarbij voeren ze aan “dat sij bij de laatste veepest zodanig waren bezogt geweest dat in het gantsche Carspel Onnen slegts drie beesten waren overig gebleven”. Als je dan nagaat dat er voordien zeker 100, 200 koebeesten werden gehouden in het dorp, dan zie je de impact van zo’n epidemie op locaal niveau.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s